Honden

Zo gevaarlijk zijn grasaren voor je hond in de zomer

· 5 min leestijd

Het gras staat hoog en je hond huppelt vrolijk door de berm. Zomers plaatje. Maar in dat hoge gras schuilt een gevaar dat veel baasjes niet kennen totdat het mis is gegaan: de grasaar. Dit kleine, scherpe zaadhaartje werkt zich door huid, oor of neus naar binnen en stopt pas als het door een dierenarts verwijderd wordt. Elk seizoen ziet de dierenarts honden met een grasaar die niet op tijd gevonden werd, en de behandeling is dan een stuk ingrijpender dan wanneer je er vroeg bij bent.

Wat is een grasaar eigenlijk?

Grasaren zijn de scherpe, naaldvormige zaadjes van wilde grassen als vossenstaart, raaigras en borstelgras. Ze hebben microscopisch kleine weerhaakjes die één kant op wijzen, waardoor ze razendsnel de vacht in gaan maar nooit meer terug willen. Zodra je hond door hoog gras loopt, hecht zo'n aar zich vast aan zijn vacht en begint te werken. De beweging van de spieren en de warmte van het lichaam duwen het zaadhaartje steeds dieper naar binnen. In de ergste gevallen bereiken grasaren de longen, het ruggenmerg of andere organen, met levensbedreigende gevolgen.

Ze groeien van mei tot augustus, met een piek in juni en juli. Je vindt ze langs bermen, op braakliggende terreinen, op slecht gemaaid grasland en in parken die niet regelmatig worden bijgehouden. Buiten de bebouwde kom kom je ze bijna overal tegen zodra het gras hoog genoeg staat.

Hoe herken je dat je hond een grasaar heeft?

Grasaren gaan bijna altijd op drie plekken naar binnen: de oren, de ruimtes tussen de teenvakken en de neus. Soms ook de ogen of de huid bij dunne vacht. De signalen zijn per plek verschillend.

  • Oor: Je hond schudt heftig met zijn kop, krabt continu aan zijn oor of houdt zijn hoofd scheef. Soms zie je lichte vochtafscheiding of een onaangename geur.
  • Poot: Je hond likt of knabbelt obsessief aan één poot, loopt mank of heeft een kleine zwelling tussen zijn tenen. Soms zie je een rood puntje: dat is de insteekplek.
  • Neus: Hevig en aanhoudend niezen, soms met een bloedneus of slijmafscheiding uit één neusgat. Dit kan al binnen minuten na de wandeling beginnen.
  • Huid: Een hard, pijnlijk bultje onder de huid. Dit wordt soms pas na weken zichtbaar, wanneer de grasaar al diep zit.

Herken je één van deze signalen na een wandeling in hoog gras? Ga niet afwachten. Grasaren werken snel. Wat nu nog een klein puntje is, kan morgen dieper in het weefsel zitten. Lees ook hoe je herkent wanneer je hond ziek is voor een bredere checklist van symptomen die aandacht verdienen.

Dit kun je zelf doen en dit absoluut niet

Als je een grasaar in de vacht ziet zitten of net aan de huidoppervlakte, en hij zit nog duidelijk zichtbaar, kun je hem voorzichtig met een pincet verwijderen. Trek langzaam en recht uit, langs de richting van de aar, zonder te draaien.

Maar zodra de aar al deels in de huid of een lichaamsopening zit: niet zelf proberen te verwijderen. Met een pincet pak je vaak maar een deel van de aar, of je duwt hem onbedoeld dieper. Hetzelfde geldt voor de oren: nooit zelf proberen te prikken of boren. Ga direct naar de dierenarts.

Een dierenarts kan met een otoscoop in het oor kijken en de aar er met een speciaal instrumentje uithalen, soms onder lichte verdoving. Hoe eerder je gaat, hoe eenvoudiger de behandeling. Een grasaar die al weken diep zit, vereist soms een operatie met narcose. De Koninklijke Hondenbescherming heeft een uitgebreide informatiepagina over grasaren met duidelijke uitleg over hoe de structuur eruitziet en waarom ze zo moeilijk te verwijderen zijn.

Zo controleer je je hond na elke wandeling

Een grondige controle na elke wandeling in grasgebied kost twee minuten en kan een dure dierenartsvizit voorkomen. Dit is wat je checkt:

  1. Poten: voel tussen elke teen, controleer de haartjes rond de zolen
  2. Oren: kijk in de oorschelp, alleen wat zichtbaar is van buitenaf
  3. Neus en ogen: kijk of er iets aan kleeft of er irritatie zichtbaar is
  4. Oksels en liezen: dunne huid, een makkelijke insteekplek voor grasaren
  5. Nek en borstkast: grasaren belanden hier als de hond door struikgewas rent

Een fijngetande kam helpt om de vacht grondig door te kammen. Besteed extra aandacht aan honden met lange of krullende vacht — die vangen grasaren veel makkelijker op dan honden met een korte vacht. Vlooien en teken houden ook van hoog gras. Lees in ons artikel over vlooien, teken en ander ongedierte hoe je je hond in de zomer zo goed mogelijk beschermt.

Wandelen in het seizoen zonder onnodige risico's

Je hoeft je hond niet thuis te houden van mei tot augustus, maar een paar aanpassingen helpen het risico flink te beperken. Blijf op verharde paden als je door een grasrijke omgeving loopt en vermijd bermen met lang, dor gras. Dor gras is gevaarlijker dan groen gras: de aren zitten dan losser en breken makkelijker af.

Heb je een hond met veel vacht? Overweeg om de oren en de haartjes tussen de tenen iets bij te knippen in de zomer. Dat maakt de controle achteraf makkelijker en grasaren haken minder snel vast. Houd ook de omgeving in je tuin op orde als je een grasveld hebt, en maai regelmatig.

Vergeet ook de hitte niet. Op warme dagen wordt asfalt snel gevaarlijk heet voor hondenpoten. Gebruik de handtest om te controleren of het asfalt te heet is voor je hond voordat je op pad gaat. Een bewuste baas houdt in de zomer meerdere risico's tegelijk in de gaten, en juist die combinatie van kleine gewoontes maakt het verschil voor een gezonde hond.

M
Geschreven door Mees van Houten Hondenvriend & pet writer

Mees groeide op met honden, katten, konijnen en zelfs een geit genaamd Herman. Die jeugd op een boerderij in Friesland maakte hem tot de huisdierkenner die hij nu is. Hij schrijft met name over honden en mannelijke huisdierverzorging, want ja, mannen mogen ook hun pup een verjaardagstaart bakken. Zijn schrijfstijl is nuchter maar hartelijk, en hij weigert principieel om baby talk te gebruiken als hij over dieren schrijft.